Fuifpunt is echter van mening dat uit deze wetgeving niet kan geconcludeerd worden dat -16-jarigen kunnen geweigerd worden op fuiven zonder handelskarakter.
M.b.t. fuiven zegt de wet op de zedelijke bescherming van de jeugd het volgende:
Art. 1.
(...) De aanwezigheid in danszalen en drankgelegenheden terwijl er gedanst wordt, is verboden voor elk ongehuwd minderjarige beneden de zestien jaar indien deze niet vergezeld is van zijn vader, zijn moeder, zijn voogd of de persoon aan wiens bewaking hij is toevertrouwd.
Vallen niet onder toepassing van deze wet: de bals die niet uit handelsgeest plaats hebben, noch de danslessen.(...)
Als de organisatie niet als doel heeft winst te maken, is voldaan aan de voorwaarden van artikel 1, lid 3 van de wet op de zedelijke bescherming van de jeugd. In dat geval is er geen handelsgeest en kunnen -16-jarigen niet worden geweigerd. Doe je dat wel, dan schend je het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel. Dit geldt niet enkel voor organistoren, ook een gemeente mag geen discriminerende maatregelen opleggen die alleen voor bepaalde groepen gelden, zoals bijvoorbeeld voor jongeren. Bovendien heeft de jeugdbeschermingwet een opvoedkundig doel, we menen dat deze niet als een sanctie kan worden beschouwd. De bezorgdheid rond het welzijn van de minderjarigen volstaat niet om de uitzondering, voorzien in lid 3 van artikel 1 van deze wet, uit te schakelen.
Art. 1 bis.
Wanneer blijkt dat het bezoek aan een danszaal of aan een drankgelegenheid waar gedanst wordt, een gevaar vormt voor de gezondheid, veiligheid of zedelijkheid van de jeugd, kan de jeugdrechtbank op vordering van het openbaar ministerie, de toegang tot die danszaal of tot die drankgelegenheid voor een duur van ten hoogste twee jaar verbieden voor minderjarigen beneden de achttien jaar.
Op deze rechtspleging zijn de wetsbepalingen betreffende de vervolging in correctionele zaken van toepassing.
Zoals vermeld in het artikel, kan enkel een jeugdrechter beslissen dat minderjarigen voor een bepaalde duur geen toegang meer krijgen tot een specifieke danszaal. Er is dus nergens sprake van de mogelijkheid tot een algemeen geldend verbod, toepasselijk op alle fuiven en alle min-16-jarigen!
Verder willen we nog wijzen op een fout die wel meer wordt gemaakt: de onterechte koppeling van de wet op de zedelijke bescherming van de jeugd aan het verbod op het schenken van alcohol aan -16-jarigen. Je mag geen alcohol schenken aan -16-jarigen, maar ze zijn wel toegelaten op plaatsen waar er alcohol geschonken en/of verkocht wordt. Indien dit niet het geval mocht zijn, zou een -16-jarige geen café, sporthalcafetaria en zelfs geen winkel of supermarkt mogen binnenwandelen, want op deze plaatsen wordt ook alcohol verkocht.
Artikel 14 van de wet op het politieambt
Ook op basis van deze wetgeving kan men volgens ons niet zomaar een fuifverbod voor -16-jarigen opleggen.
De politie kan namelijk niet eenzijdig en algemeen beperkende maatregelen opleggen onder het mom van "handhaving van de openbare orde". Wanneer de situatie hier om vraagt, moet de politie de openbare orde (rust, veiligheid of gezondheid) handhaven en indien nodig herstellen. Alleen de bevoegde bestuurlijke overheid kan blijvende maatregelen uitvaardigen. Maatregelen mogen daarbij niet indruisen tegen het grondwettelijk recht van vergaderen, waar fuiven onder vallen. In die zin heeft de gemeente ook niet de bevoegdheid om:
• de toegang te verbieden aan personen van minder dan 16 jaar voor fuiven die niet de bedoeling hebben om winst te maken;
• het aantal fuiven op het grondgebied van de gemeente te beperken;
• een vergunning te eisen voor fuiven in besloten plaatsen (zalen of tenten);
• een meldingsplicht op te leggen, waarbij het niet melden kan leiden tot het stilleggen van de fuif of het betalen van de boete;
• overtredingen te bestraffen die tot de morele orde behoren, zoals het stilleggen van een fuif bij een overtreding van de drugwet ;
• een definitief verbod uit te vaardigen bij eventuele wanordelijkheden en onvreedzame bijeenkomsten. Een gemeente kan dus eventuele ongeregeldheden die zich voordoen in één zaal niet gebruiken als alibi om alle nachtelijke activiteiten te verbieden.
(Bron: http://www.belgium.be/nl/justitie/veiligheid/publieke_evenementen/manifestaties/)
Pak de juiste personen aan!
Dat men -16-jarigen en andere fuifbezoekers wil beschermen tegen zogenaamde ‘criminogene factoren’, is natuurlijk geen slechte zaak. Maar dan moet de politie wel de juiste personen aanpakken! Regels moeten er zijn om de veroorzakers van eventuele overlast aan te pakken, niet om het fuifgebeuren te beknotten, bepaalde bevolkingsgroepen te viseren of het organisatoren moeilijker te maken. Hierbij ook nog eens discriminerende maatregelen opleggen die geen rechtsgrond hebben, is helemaal uit den boze.
Als er in de regio veel problemen op fuiven zijn, dan moet er in samenspraak met de politie, gemeente, organisator en eventueel het parket gekeken worden hoe kan opgetreden worden tegen individuen die in de fout gaan. Het is daarbij belangrijk dat de juiste verantwoordelijkheden bij de juiste personen zitten en dat de organisator zich gesteund weet. Een probleem bestrijden vraagt een gezamenlijke aanpak en geen eenzijdige maatregel of verbod!
a