De informatieplicht
De nieuwe wetgeving bepaalt dat alle organisaties (gestructureerde én niet-gestructureerde organisaties) de vrijwilligers goed moeten informeren over hun rechten en plichten. Zijn de medewerkers verzekerd? Krijgen de medewerkers een onkostenvergoeding?
Je moet kunnen aantonen dat iedereen op de hoogte gebracht werd. Zet dus volgende gegevens op jullie website, mail de info door naar je medewerkers of zorg dat alle medewerkers een infoblaadje krijgen.
Wat moet hier minimaal instaan?
Het doel van de organisatie;
Het juridische statuut van de organisatie (feitelijke vereniging, vzw enz.);
Voor een feitelijke vereniging: de identiteit van de verantwoordelijke(n) van de vereniging;
De al dan niet afgesloten verzekeringen (ondermeer m.b.t. aansprakelijkheid);
Het al dan niet uitbetalen van (kosten)vergoedingen en de wijze waarop;
De geheimhoudingsplicht van de vrijwilliger (volgens artikel 458 van het Strafwetboek).
Een algemeen voorbeeld vind je op http://www.vrijwilligersweb.be. Een jeugdhuisvoorbeeld vind je op de site van VFJ en van JGM. Jeugdbewegingvoorbeelden vind je ondermeer bij Scouts en Gidsen Vlaanderen, Chiro, KSJ-KSA-VKSJ.
Verzekeringen
Als gestructureerde organisatie ben je verplicht om alle medewerkers minstens te verzekeren voor burgerlijke aansprakelijkheid. Zijn jullie al verzekerd via een koepel, als vzw? Dan moet je als organisator enkel nog de burgerlijke aansprakelijkheid van je extra vrijwillige medewerkers verzekeren (vb. als losse medewerker in een één-dag-polis) of hen gewoon verzekeren als lid van je organisatie. Daarnaast kan je als organisatie een extra verzekering afsluiten voor ongevallen. Als het gaat om een grootschalig evenement waarbij het risico op ongevallen groot is, dan doe je hier goed aan. Voor je een verzekering afsluit, neem je sowieso best contact op met je koepel om te kijken voor welke zaken je via hen al verzekerd bent.
Als niet-gestructureerde organisatie ben je niet verplicht om een verzekering BA (burgerlijke aansprakelijkheid) af te sluiten. Ook hier is het gezien de risico’s die gepaard gaan met fuiven, niet onverstandig om je toch voldoende te verzekeren. Voor een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid kan dit wellicht in de toekomst gratis tot zeer goedkoop door in te tekenen op de collectieve verzekering aangeboden door de provincies.
Uiteraard is het in de meeste gevallen aan te raden om nog andere verzekeringen af te sluiten (rechtsbijstand, ongevallenverzekering enz.), zeker in het geval van een grotere fuif. Meer over fuifverzekeringen vind je hier.
Aansprakelijkheid
Vanaf 1 januari 2007 zijn gestructureerde organisaties burgerrechtelijk aansprakelijk voor de schade die de vrijwilliger toebrengt aan een derde persoon tijdens zijn vrijwilligerswerk. Je bent als organisatie verplicht om hiervoor een verzekering af te sluiten. Een vrijwilliger bij een vzw, een lokale afdelingen van een organisatie of een plaatselijk jeugdhuis is dus goed beschermd. Een vrijwilliger blijft natuurlijk wel zelf aansprakelijk als er sprake is van schade door bedrog, een zware fout of een herhaaldelijke lichte fout.
Voor niet-gestructureerde organisaties (buurtcomités, vriendenclubs enz.) verandert er niets. Je blijft dus gewoon zelf aansprakelijk voor wat je doet. Dit moet wel in de informatie die je je vrijwilligers bezorgt. Wel nieuw is dat in de familiale polis (BA polis privé-leven) komt te staan dat vrijwilligerswerk deel uit maakt van het privé-leven. Vrijwilligers die niet verzekerd zijn, kunnen dus wel een beroep doen op de familiale polis.
Ook nieuw is dat in je BA Motorrijtuigen een clausule toegevoegd wordt waardoor je verzekerd bent om van en naar de activiteit te rijden. Hierdoor zal de vrijwilliger, ook als die 'in opdracht' van het vrijwilligerswerk rijdt, een beroep kunnen doen op de eigen autoverzekeringspolis.
De kostenvergoeding
Zowel een gestructureerde als een niet-gestructureerde organisatie kan zijn medewerkers voor een fuif op één of andere manier vergoeden.
Je kan hen enkele drankbonnetjes geven (een vergoeding in natura).
Je kan de reële onkosten vergoeden aan de hand van een bewijsje (een onkostenformulier voor vervoersonkosten, een rekening van de winkel of de frituur enz.).
Je kan hen een centje geven (forfaitaire vrijwilligersvergoeding). Dit mag maximum € 27,92 per dag zijn.
Let wel op! Je kan de verschillende vergoedingen niet combineren.
a