Met de wet van 14 december 2005 houdende administratieve vereenvoudiging II (B.S. 28 december 2005, in werking vanaf 7 januari 2006) wil men de administratieve formaliteiten vereenvoudigen zowel voor de openingsbelasting als de vergunning voor het verstrekken van sterke drank.
Nieuw is dat vanaf 7 januari 2006 de gemeentelijke overheden moeten nagaan of de vaste drankgelegenheid voldoet aan de eisen inzake hygiëne, zoals
bedoeld in de artikelen 5 tot 7 van de wetsbepalingen inzake slijterijen van gegiste dranken, samengeordend op 3 april 1953. Aangezien deze controle reeds plaatsvindt ter gelegenheid van de opening van een vaste drankslijterij en in de meeste gevallen naar aanleiding van de opening van een drankgelegenheid eveneens wordt gevraagd naar een vergunning om sterke drank te mogen schenken, is het logisch dat in beide gevallen dezelfde controle door de gemeentelijke overheden wordt uitgeoefend. Het instellen van een controle om na te gaan in hoeverre de vaste drankgelegenheid voldoet aan de voorwaarden inzake hygiëne, kadert in het streven naar uniformiteit in de toepassing van beide wetgevingen.
De nieuwe werkwijze bestaat erin dat de toekomstige uitbater vooraf een aanvraag indient tot opening van een vaste of reizende drankslijterij. Het is op basis van deze aanvraag dat de gemeente zal nagaan:
De gemeente zal dus in plaats van in het formulier 240i te vermelden dat is voldaan aan de gestelde voorwaarden op het stuk van moraliteit en vereisten inzake hygiëne, autonoom kunnen beslissen onder welke vorm dit positief bericht zal worden opgesteld. Na ontvangst van dit positief bericht zal de
toekomstige uitbater kunnen starten met de exploitatie van zijn drankslijterij.
Als de uitbater sterke drank wil schenken, is de procedure gelijkaardig. Wanneer is voldaan aan de voorwaarden inzake moraliteit en de vereisten inzake hygiëne, zal de gemeente in plaats van dit te vermelden in het formulier 240i, autonoom kunnen bepalen onder welke vorm de vergunning voor het verstrekken van sterke drank zal worden afgegeven. Na ontvangst van deze vergunning zal de houder van de drankgelegenheid, sterke dranken kunnen verstrekken.
Artikelen 5 en 6 van het KB van 3 april 1953
Een drankslijterij moet in het belang van de openbare gezondheid en zedelijkheid, aan bijzondere eisen voldoen ten aanzien van ligging, oppervlakte, hoogte, luchtverversing, verlichting, verdeling binnenshuis en koer (art 5 KB 3 april 1953).
Bij heropening in de volgende drie gevallen:
Als het gaat om een overname van een bestaande zaak en: