Geluid: wat is het en hoe wordt het uitgedrukt
Vooraleer we dieper ingaan op het meten zelf, staan we stil bij wat geluid nu precies is. We verklaren ook enkele termen.
Geluid ontstaat door trillingen in de lucht. Als een geluidsbron gaat trillen, gaan de luchtmoleculen in de buurt van die bron meetrillen. De trilling wordt voortgezet en er ontstaat een geluidsgolf die zich door de lucht verplaatst. Het menselijk gehoor is in staat deze trillingen of drukwisselingen om te zetten in zenuwprikkels die worden verwerkt in de hersenen. Het aantal trillingen per seconde is de frequentie uitgedrukt in Hertz (Hz).
Wat is LAslow en LAmax,slow?
LAslow is het A gewogen geluidsdrukniveau gemeten met een trage tijdsweging (1 seconde). Het geeft een geluidsniveau op een bepaald ogenblik aan.
LAmax,slow is het maximum dat dit geluidsdrukniveau bereikt. Dit is met andere woorden de hoogste waarde van alle registraties van LAmax,slow gemeten over een bepaalde periode (bijvoorbeeld een optreden). LAmax,slow is op elk moment beschikbaar, vanaf de start van de meting. Hierdoor is het gemakkelijk op te volgen maar zal het, eens het maximum bereikt is, niet meer dalen. Dit maakt het moeilijker om de dynamiek in de muziek in rekening te brengen. LAmax,slow is beschikbaar op de meest eenvoudige geluidmeters en werd al gehanteerd bij de handhaving van het KB van 24 februari 1977.
Wat is het equivalent geluidsdrukniveau (LAeq)?
Het A gewogen equivalent continu geluidsdrukniveau of LAeq,T is het A gewogen constante geluidsdrukniveau dat gedurende het tijdsinterval T dezelfde geluidsenergie zou veroorzaken als het werkelijk gemeten geluidsdrukniveau gedurende hetzelfde tijdsinterval. Het LAeq geeft het gemiddelde weer dat dezelfde geluidsenergie heeft als alle werkelijk gemeten (maar sterk fluctuerende) geluidsdrukniveaus. Het is een grootheid die ruimte laat voor dynamiek tijdens een muziekactiviteit omdat ze het geluidsniveau weergeeft gemiddeld over een langere periode, in het geval van de nieuwe geluidsnormen voor muziekactiviteiten is dit 15 of 60 minuten. Hierdoor kunnen luide passages afgewisseld worden met stillere momenten. Er kan ook een glijdend gemiddelde worden weergegeven: na de eerste periode van 15 of 60 minuten is de LAeq,15min of LAeq,60min continu beschikbaar.
Subjectieve luidheid ten opzichte van geluidsenergie
Een verschil van 1 dB tussen twee geluiden is niet of nauwelijks waarneembaar voor de mens. Vanaf 3 dB is het voor de meeste mensen duidelijk dat twee geluiden van elkaar verschillen. Pas vanaf een verschil van 10 dB zal door de meeste mensen gezegd worden dat het geluid twee keer zo luid is. Dit noemen we de subjectieve luidheid. De geluidsenergie veroorzaakt door de geluidsdruk die uitgeoefend wordt op het trommelvlies, verdubbelt echter bij een stijging van het geluidsniveau met 3 dB. Met andere woorden: een stijging van het geluidsniveau met 3 dB betekent een halvering van de tijd waarin je op een voor het gehoor veilige manier kan blootgesteld worden aan hoge geluidsniveaus.
Wat is een A-weging?
Het oor (en meer bepaald het middenoor: trommelvlies, hamer, aambeeld, stijgbeugel en ovaal venster) filtert het geluid dat erop invalt. Hierdoor zullen de lagere frequenties (bijvoorbeeld 100 Hz) voor het menselijk oor zachter klinken dan de hogere frequenties (bijvoorbeeld 1000 Hz). Een geluidsniveaumeter reageert echter niet automatisch op dezelfde manier. Een geluidsniveaumeter met een ‘vlakke’ respons zal de sterkte van het geluid met lage frequentie even hard meten als het geluid met hoge frequentie. Om vergelijking met het menselijk oor mogelijk te maken, zijn elektronische filters ontwikkeld die we wegingscurven noemen. Er zijn vier wegingscurven: A, B, C en D. De A weging wordt gebruikt om de gevoeligheid van het menselijk oor te simuleren (sterke afzwakking in de lage frequenties). Geluid wordt gemeten in decibel (dB). Als geluid wordt gemeten volgens de A weging wordt dit uitgedrukt in dB(A).
Met welke apparatuur meet ik het geluid?
Geluidsvolumes meet je met een sonometer of decibelmeter. Er bestaan zeer veel verschillende types van decibelmeters. Al naargelang de nauwkeurigheid en de verschillende mogelijkheden variëren de prijzen van meettoestellen van 150 tot meer dan 5.000 euro.
Als je verplicht bent het geluid te meten (dus vanaf volumes hoger dan 85 dB(A) LAeq,15min), moet je meettoestel voldoen aan de volgende kenmerken:
Je kunt een geluidsmeter lenen, huren of kopen. Wil je een geluidsmeter aankopen, vraag je best raad aan iemand met de nodige kennis en ervaring op het gebied van meetapparatuur.
Hoe en waar moet de meting gebeuren?
Als je beschikt over een meettoestel dat voldoet aan de normen, kun je aan de slag. Daarbij is het van groot belang dat je een correcte, representatieve meting uitvoert. De plaats van de meting, dus de plaats waar de meetmicrofoon zich bevindt tijdens de activiteit, is daarbij uiteraard van groot belang.
Hoe dichter je bij de bron van het geluid (de luidsprekers) meet, hoe hoger de volumes die je meet. Een meting in het midden van de zaal kan al snel enkele decibels verschillen van een meting vlakbij de luidsprekers.
Daarom moet je het geluid meten op een ‘representatieve’ plaats in de publieksruimte. Dat wil zeggen: een plaats waar het volume zoveel mogelijk overeenkomt met het gemiddelde volume dat alle luisteraars te verwerken krijgen. Dus zeker niet vlakbij de geluidsbron, maar ook niet helemaal ver weg van die geluidsbron. Afhankelijk van de situatie wil dat zeggen:
Bij eenliveoptreden met klassieke liveopstelling, of wanneer de luidsprekers de muziek in dezelfde richting over het publiek verspreiden:
Bij eenopstelling zonder mengtafel, en als de luidsprekers de muziek in verschillende richtingen verspreiden:
Ook de positie van de meetmicrofoon is van belang: wanneer de microfoon te laag staat, wordt het geluid mogelijk door het publiek gedempt en krijg je geen representatieve meting. Ook wanneer de microfoon te hoog staat of hangt, kan het zijn dat te lage of te hoge geluidsvolumes worden gemeten. Daarom moet de positie van de meetmicrofoon aan de volgende criteria voldoen:
Elke zaal is anders. De juiste representatieve meetpositie bepalen, is in sommige specifieke situaties niet makkelijk en voor discussie vatbaar. Bij twijfel, overleg dan met de bevoegde controledienst om samen te bepalen waar de representatieve meetplaats zich moet bevinden.
Communiceer vooraf met alle betrokkenen en maak afspraken: de gemeente, de zaaluitbater, geluidstechnici, artiesten, bands of dj’s (zie ook de pagina over communicatie)
[1] Concreet wil dit zeggen dat het toestel, volgens de internationale norm NBN EN 61672, een afwijking mag vertonen van maximum 1,4 dB bij 1000 Hz.
De Ambrassade vzw I Leopoldstraat 25 I
1000 Brussel I T 02 551 13 50 I
I
www.ambrassade.be